Home » Artikel

Prostituees mijden loondienst

Prostituees mijden loondienst  

Met de opheffing van het bordeelverbod in 2000, is de exploitatie van prostitutie legaal geworden. Prostitutie moest een normalere economische branche worden door sanering, decriminalisering en een adequate handhaving. Om na te gaan wat er in de praktijk terecht is gekomen van de beoogde effecten van de wetswijziging, heeft het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het Ministerie van Justitie in 2006 opdracht gegeven voor een uitgebreide evaluatie. Regioplan voerde een deelonderzoek uit, gericht op het in kaart brengen van verschillende aspecten van de arbeidspositie van prostituees, zes jaar na het opheffen van het bordeelverbod.

Gesprekken op bed

Het onderzoek was bij voorbaat bijzonder door de onbekende populatie, de potentiële onbetrouwbaarheid van de verzamelde data en (mede daardoor) de enorme hoeveelheid oordelen en vooroordelen van verschillende partijen. We besloten om de sector te benaderen als in ander arbeidsmarktonderzoek, met aandacht voor arbeidsomstandigheden, arbeidsverhoudingen en ontwikkelingen in de sector. Niemand weet precies hoeveel prostituees er in de verschillende sectoren (clubs, privéhuizen, ramen, escort, massagesalons) werkzaam zijn.

Er bestaat ook geen landelijk bestand van vergunde prostitutiebedrijven, waaruit een representatieve (cluster)steekproef kan worden getrokken. We hebben daarom zelf lijsten opgevraagd van vergunde bedrijven bij twintig geselecteerde gemeenten. Door de keuze voor een groot aantal respondenten en een zo goed mogelijke spreiding over gemeenten, landsdelen en sectoren, hebben we geprobeerd om de steekproef een goede afspiegeling van een landelijk beeld te laten vormen. Binnen vier maanden hebben we gesprekken gevoerd met 49 exploitanten en 354 prostituees achter ramen, in clubs, privéhuizen, de escort en massagesalons, verdeeld over het hele land.

De interviews met de prostituees werden aan de hand van een vragenlijst uitgevoerd door twintig interviewers en onderzoekers. Soms kon een afspraak voor een interview worden gemaakt door te bellen naar clubs en privéhuizen. Raamprostituees konden we alleen benaderen door te kloppen op het glas, zoals ook de bezoekende mannen dat doen. Vervolgens werden de meeste gesprekken gevoerd op de plek waar de privacy van de respondenten het meest gewaarborgd was: op de kamer. De gesprekken duurden ongeveer een uur en werden in een kwart van de gevallen in een andere taal afgenomen.

 Anonimiteit kwijt

De overgrote meerderheid (95 procent) van de prostituees omschrijft zichzelf als zelfstandig ondernemer. Ze bepalen zelf hoeveel uur ze werken en wanneer. De Belastingdienst denkt daar vaak, na controle door een bedrijfsbezoek, anders over. Ze constateren dat de prostituee niet bij de belastingdienst geregistreerd staat of dat er een gezagsverhouding bestaat tussen de exploitant (kamerverhuurder) en de prostituee. De consequentie van een gezagsverhouding is dat er feitelijk sprake is van loondienst en dat de exploitant de prostituees ook in dienst moet nemen.

Prostituees hebben echter geen enkele behoefte om in loondienst te gaan werken. Loondienst betekent in hun ogen namelijk het opgeven van de voordelen van het vak: zelfstandigheid, flexibiliteit, anonimiteit en de mogelijkheid om snel veel geld te verdienen. De automatische aanmelding bij de Belastingdienst zodra ze ergens in dienst treden, lijkt ze het meest dwars te zitten. Wanneer zij zich bij de Belastingdienst moeten inschrijven en belasting moeten betalen zijn ze de anonimiteit en een deel van hun inkomen kwijt. Ook vinden sommigen dat belasting betalen niet past bij de aard van het werk: ‘Het gaat over mijn lichaam, daar betaal ik geen belasting over!’ De meeste prostituees lijken niet te beseffen dat ze ook als zelfstandig ondernemer belasting behoren te betalen.

Van de prostituees in ons onderzoek geeft dan ook 62 procent ruiterlijk toe dat zij geen belasting betaalt. Eigenlijk verschillen prostituees niet veel van zelfstandige ondernemers in andere sectoren: ze hechten aan hun vrijheid, zelfstandigheid en de mogelijkheid om (relatief) veel geld te verdienen. De behoefte aan anonimiteit is echter typisch voor deze bedrijfstak. Die heeft deels te maken met de wens om inkomsten buiten de boeken (van de Belastingdienst en uitkeringsinstanties) te houden, deels ook met de angst bij prostituees dat hun beroep bij familie of vrienden bekend wordt.

 

Morele en administratieve kwesties

Exploitanten staan op zich positief tegenover de legalisering en daarmee normalisering van de sector. Over de implementatie en handhaving zijn ze echter minder tevreden. De exploitanten voelen zich door de Belastingdienst onder druk gezet om loondienst in te voeren. Als zij verplicht zouden worden om prostituees in loondienst te nemen, zouden de meesten stoppen met het bedrijf. Een exploitant formuleert de reden als een morele kwestie: ‘We gaan dan stoppen. Het is onethisch om als werkgever dames hun lichaam te laten verkopen. Dan word je pooier, dat willen we niet.

Dit is iets wat ze te allen tijde zelfstandig moeten beslissen, wij zijn met het verhuren van kamers gelegenheidsgevers.’ (Exploitant club) Andere exploitanten zien de bezwaren meer in de financieel- administratieve bedrijfsvoering: ‘Dan zou ik stoppen. Ik zou het heel erg vinden. Ik werk vanaf 1990 dertien uur per dag van maandag tot zaterdag. Maar ik zie op tegen de verzekeringen, de hoge premies... het is gewoon onmogelijk.’ (Exploitant privéhuis)

Eigenlijk willen de exploitanten die wij spraken in de vergunde sector blijven werken. Voor de toekomst willen ze wel dat er duidelijke en uniforme regels worden geformuleerd voor de eisen die gesteld worden aan de arbeidsrechtelijke positie van prostituees. Op dit moment zijn de richtlijnen die de Belastingdienst hanteert om loondienst vast te stellen voor de meeste exploitanten onduidelijk. Ook is niet duidelijk wat precies de consequenties zijn voor de gezagsrelatie met de prostituee en welke alternatieven er zijn.

Even wennen of onverbeterlijk?

De prostitutiesector is na het opheffen van het bordeelverbod nog niet genormaliseerd. Aan de ene kant zijn exploitanten en prostituees blij met de legalisering waardoor de sector als ieder ander beschouwd moet worden. Aan de andere kant zeggen ze dat de prostitutiesector niet zomaar gelijk kan worden getrokken met andere sectoren vanwege de (fysieke) aard van het werk. Hoe nu verder. Waarschijnlijk is het een kwestie van tijd, voorlichting en eventueel nieuwe wetgeving om de sector te normaliseren. De prostitutiesector is pas relatief kort een legale economische sector en dat is wennen, zowel voor prostituees als

Opheffing bordeelverbod

Voor bedrijven in de prostitutiesector is in 2000 een vergunningenplicht ingevoerd. Alleen bedrijven met een vergunning mogen nog kamers verhuren aan zelfstandig werkende prostituees. Daarnaast is het mogelijk geworden om prostituees in loondienst te nemen. In loondienst kunnen prostituees voor het eerst aanspraak maken op dezelfde rechten en plichten als iedere andere werknemer. Omdat overheidsinstanties na de wetswijziging beter toegang hebben gekregen tot de sector, voeren ze meer controles uit. Om de gevolgen van het opheffen van het bordeelverbod in de vergunde sector na te gaan, heeft Regioplan de volgende vragen onderzocht: wie werken er nu in de vergunde sector, hoe is de arbeidsrelatie tussen exploitant en prostituee, hoe zijn de arbeidsomstandigheden en –voorwaarden geregeld en hoe ontwikkelt de sector zich?

 april 2008 Facta 11 voor de exploitanten. Een sector die eeuwenlang met eigen regels heeft bestaan, moet zich nu houden aan regels van de Belastingdienst en andere overheidsinstellingen. Het kennis nemen van deze regels, en het nut van deze regels inzien, kost tijd. Het is daarom belangrijk dat de komende jaren vanuit verschillende instanties en de overheid voldoende informatie wordt gegeven over de nieuwe regelgeving aan zowel prostituees als exploitanten. Voorlichting aan prostituees zou dan vooral moeten gaan over de rechten die ze hebben als zelfstandig ondernemer en de voordelen van belasting betalen. Als ze bijvoorbeeld beter doorgeven hoeveel arbeid ze verrichten, wat hun inkomsten zijn en daar belasting over betalen, bouwen ze toekomstige sociale zekerheidsrechten op. Daarnaast moet er uiteraard gewoon sprake zijn van handhaving van de regels, zoals dat ook in andere sectoren gebeurt. Bij exploitanten is vooral verandering nodig in hun denkwijze over wat mogelijk is binnen de huidige wetgeving. Als loondienst niet gewenst is, moeten ze de prostituee als zelfstandig ondernemer beschouwen.

De arbeidsrelatie tussen exploitant en prostituee is dan tot een minimum beperkt. Naast het gunnen van tijd en het geven van voorlichting is het aanpassen van de wetgeving een andere mogelijkheid om de sector beter te reguleren en te normaliseren. Verschillende juristen buigen zich over de vraag of het wenselijk of mogelijk is om een wetgeving te formuleren die rekening houdt met de aard van de sector. Deze onderzoeken en de bijbehorende discussie lopen nog. Normalisering van de sector zal dus nog even op zich laten wachten. De rest van de samenleving kan overigens ook een rol spelen in dit proces van normalisering. Want zoals een escortprostituee het verwoordt:

Auteur: 

Helga Dekker