Twee tractoren rijden over de Koningskade in Den Haag.

Stad-platteland is juist níet de politieke scheidslijn in Nederland

Zo stelt Twan Huijsmans van de Universiteit van Amsterdam in zijn proefschrift. Politieke tegenstellingen tussen inwoners van steden en het platteland worden volgens hem overtrokken. De postdoctoraal onderzoeker sociologie en politicologie noemt in zijn onderzoek een aantal oplossingen om te voorkomen dat deze kloof wél ontstaat.

Boerenprotesten en de BBB

In het najaar van 2019 waren boerenprotesten tegen stikstofmaatregelen volop in het nieuws, waardoor het idee ontstond dat er een politieke kloof is tussen stedelijke en landelijke gebieden in Nederland. Deze gedachte werd verder versterkt door de opmerkelijke overwinning van de BoerBurgerBeweging (BBB) bij de Provinciale Statenverkiezingen in maart 2023. Dit fenomeen is niet beperkt tot Nederland; ook in Brussel en andere Europese steden vonden boerenprotesten plaats in de aanloop naar de Europese Parlementsverkiezingen.

Geen scherpe tegenstenstellingen

In zijn proefschrift onderzoekt Twan Huijsmans of de tegenstelling tussen stad en platteland in Nederland en andere landen groeit, en hoe iemands woonplaats invloed heeft op politieke opvattingen. Hij constateert dat Nederland, in tegenstelling tot de Verenigde Staten, waar het meeste onderzoek naar dit thema vandaan komt, geen logisch voorbeeld lijkt voor scherpe stad-platteland tegenstellingen. De afstanden zijn klein en politici vertegenwoordigen geen specifieke regio's.


Niets missen in de sociologie?

WORD ABONNEE VAN SOCIOLOGIE MAGAZINE!


Huijsmans analyseerde nationale verkiezingsresultaten sinds de jaren zeventig in vijftien landen om een breder perspectief te krijgen. Hij ontdekte dat de politieke tegenstelling tussen stad en platteland vooral in de Verenigde Staten, Canada en het Verenigd Koninkrijk sterk is toegenomen. In West-Europa is deze tegenstelling ook toegenomen, maar blijft relatief kleiner, ook in Nederland. In Europese meerpartijenstelsels komen deze tegenstellingen vooral naar voren bij partijen die zich richten op culturele thema’s zoals de groene, sociaalliberale en radicaal-rechtse partijen.

Verschillende culturele thema’s

Een belangrijke bevinding van Huijsmans is dat Nederlanders in steden steeds positiever denken over thema's als immigratie, de multiculturele samenleving en de Europese Unie, terwijl inwoners van landelijke gebieden hier niet significant negatiever over zijn geworden. Het zijn vooral de inwoners van grote steden die in hun opvattingen verschillen van de rest van het land. Verschillen tussen opleidingsniveaus blijven echter groter dan die tussen stedelijke en landelijke gebieden, wat betekent dat wie je bent belangrijker is dan waar je woont.

Politieke opvatting afhankelijk van woonplaats

Huijsmans heeft het ook over 'plaatsgebonden ressentiment'. Inwoners van minder stedelijke gebieden buiten de Randstad voelen zich vaak genegeerd door de politiek, benadeeld bij de verdeling van middelen en niet gerespecteerd door inwoners van andere regio’s. Dit gevoel wordt niet alleen veroorzaakt door sociaaleconomische ongelijkheden, maar ook door culturele verschillen tussen regio’s. Daarnaast voelen mensen uit gebieden die in de afgelopen decennia minder vertegenwoordigd waren in de Tweede Kamer zich vaker achtergesteld.

Dit ressentiment kan volgens Huijsmans leiden tot negatieve houdingen tegenover elites en andere groepen, wat samenhangt met populistische en anti-immigratie opvattingen. Hij stelt dat door aandacht te besteden aan economische, culturele en politieke ongelijkheden tussen regio’s, we beter kunnen begrijpen hoe mensen de status van hun woonplaats ervaren, en hoe dit hun politieke opvattingen beïnvloedt.

Politieke scheidslijn voorkomen

Ondanks de groeiende verschillen tussen stedelijke en landelijke gebieden is er in Nederland nog geen sprake van een nieuwe politieke scheidslijn. Toch benadrukt Huijsmans dat het belangrijk is om te erkennen dat inwoners van landelijke gemeenten zich vaak niet voldoende vertegenwoordigd voelen. Om een politieke kloof te voorkomen, pleit hij voor gerichte investeringen in achtergestelde regio's, zowel economisch als cultureel, en voor een diverse vertegenwoordiging in de politiek.

Ook is het belangrijk te erkennen dat politieke verschillen binnen stedelijke en landelijke gebieden vaak groter zijn dan tussen de twee. Door politieke stereotypen te vermijden, kunnen we voorkomen dat politiek een strijd wordt tussen 'ons hier op het platteland' en 'hen daar in de stad', aldus de onderzoeker.