Home » Artikel

Gelukkige vrouwen

Rosemary Crompton’s pas verschenen  boek Employment and the Family  behandelt, zoals de titel verraadt, het  gebied van de arbeidssociologie en  gezinssociologie - twee sociologische  specialismen die volgens de auteur  meestal afzonderlijk worden onderzocht.  Crompton combineert ook  twee methodes, de kwalitatieve en de  kwantitatieve. Een studie op meerdere  niveaus is het resultaat: op het individuele  en gezinsniveau analyseert  zij de besluitvorming over werk en  loopbaan, en op het nationale beleidsniveau  komen klasse en ongelijkheid  tussen vrouwen en mannen aan  de orde.

 Wat kunnen werkende ouders opsteken  van uw boek?

‘Dat is een moeilijke vraag. Er zijn  geen standaardoplossingen. Wat ik  benadruk is dat de keuzes van gezinnen  van henzelf zijn, maar dat  ze worden geconditioneerd door de  omstandigheden. De omstandigheden  variëren niet alleen per land, maar  ook per klasse en gender. Vrouwen  met een lager opleidingsniveau of  met een laag salaris zijn eerder geneigd  om minder te gaan werken als  ze kinderen krijgen. Zulke vrouwen  zullen ook vaker een relatief traditionele  kijk op het belang van huismoeders  hebben. Klasse-ongelijkheden  worden daardoor gereproduceerd en  zelfs versterkt.  Een positievere bevinding is de volgende:  in alle landen blijken vrouwen  met een liberalere kijk op genderrollen  en een minder traditionele rolverdeling  in huis over het algemeen  gelukkiger te zijn met hun leven en  hun gezin. Daarom is mijn advies  voor werkende ouders om huishoudelijk  werk en zorg voor de kinderen zo  veel mogelijk met elkaar te delen.’ 

Wat kunnen beleidsmakers leren?

 ‘Goede overheidssteun voor gezinnen  met tweeverdieners is aan te bevelen,  omdat het ongelijkheden in klasse  en gender vermindert, en leidt tot  minder conflict tussen gezinsleven  en werk. Tegenwoordig is er in het  beleid veel aandacht voor individuele  keuzes, maar de context waarin deze  keuzes gemaakt worden is cruciaal.  Zo zouden de steeds hogere eisen die  werkgevers stellen in sommige gevallen  beperkt moeten worden.  Het mannelijke kostwinnersmodel  komt niet terug, want werkende  vrouwen horen onlosmakelijk bij de  moderne samenleving. Daarom zijn  er veranderingen nodig in de wijze  waarop arbeid is georganiseerd en  verdeeld tussen mannen en vrouwen.  De beste banen zijn nog altijd  bestemd voor de zogenoemde standaardwerknemer:  iemand die vele  uren per week beschikbaar is, en  wiens zorgtaken door anderen worden  verricht. Meestal is dat een man.  Conclusie: het is net zo belangrijk om  de arbeidssituatie te veranderen als de  personen die deze arbeid verrichten.’

  Ontbreekt er iets in uw studie?

 ‘In het boek komt de grote invloed  van culturele variaties naar voren op  het gedrag en de houding ten opzichte  van werk en gezin. Daarom zou  ik ook graag kwalitatieve data van  andere landen toevoegen, want nu  beperkt het boek zich noodgedwongen  tot Groot-Brittanië. Verder zou ik  ook graag bespreken wat de gevolgen  van veranderingen in werk zijn voor  verschillende typen gezinnen, zoals  éénoudergezinnen, stiefgezinnen en  homogezinnen, maar daar zijn nog  niet voldoende data voor.’  Wat vindt u het boeiende aan sociologisch  onderzoek?

 ‘Sociologie is net detectivewerk. Het  is een combinatie van verschillende  redeneringen en methodes die leidt  tot een bevredigende verklaring van  een bepaald fenomeen, zolang die  geldig is. Gelukkig, en misschien helaas,  zullen er altijd verschijnselen  zijn die uitgelegd moeten worden, en  dat is wat sociologen doen.’   

Dit artikel verscheen eerder in Sociologie Magazine: 

Auteur: 

Rosemary Crompton
Sue-Yen Tjong Tjin Tai